We use cookies

We use cookies and other tracking technologies to improve your browsing experience on our website, to show you personalized content and targeted ads, to analyze our website traffic, and to understand where our visitors are coming from. By browsing our website, you consent to our use of cookies and other tracking technologies.

Moet er airco komen in de Kapel van Wideux?

In de boeken Spookstad deel 1 en deel 2 is een belangrijke rol weggelegd voor het kasteel van Wideux in Sint-Lambrechts-Herk. Rond dat kasteel worden heel wat verhalen bekend omtrent een spookeik die ondanks kapping toch altijd maar terugkeerde. Bovendien werd ook de schim van de overleden graaf regelmatig gesignaleerd in zijn dreef, waar hij de gewoonte had om zijn krant te lezen onder zijn lievelingsboom .

Ook de kapel maakt een wat spookachtige indruk, zeker op donkere herfst- of winteravonden. In de kapel liggen een aantal stoffelijke overschotten begraven van adellijke bewoners van het kasteel, wiens namen stilaan vergeten raken. Onlangs werd de aanvraag ingediend om airco aan te leggen in de kapel. Sommigen dachten dat de begravenen het te warm hadden omdat ze in de hel hun straf aan het uitzitten waren. Dat bleek dus echter niet het geval te zijn. De vraag naar airco, die overigens werd verworpen, had te maken met de vochtigheidsgraad in de kapel.

Ze ligt inderdaad in een vochtige omgeving, achter de kapel lag vroeger een vijver. De hele omgeving was in de tijd van de graven bedekt met bossen, hoofdzakelijk bestaande uit eiken. De buurt van Wideux stond wijd en zijd bekend voor de kwaliteit van zijn eiken. Op het moment van het overlijden van de graaf waren veel eiken in de buurt met een leeftijd van 150 jaar kapvaardig. De koper van goed van Wideux zou het kasteel en zijn omgeving vooral gekocht hebben vanwege de eiken. Na de Eerste Wereldoorlog was er veel hout nodig voor de wederopbouw.

De koper die Wideux na de dood van de graf bewoonde, kocht overigens in de buurt nog 17 ha bij. Eveneens voor het hout. Een deel van dat hout ging naar Antwerpen voor de bouw van schepen. In de jaren 30, toen een zware crisis toesloeg, kregen heel wat Herkenaren werk door het helpen ontginnen van de bossen gelegen rond het kasteel. Onder de graaf gebeurde het beheer met behulp van de secretaris van de graaf Dethier. Deze woonde als men de dreef van het kasteel verlaat in de eerste boerderij aan de linkerkant op de Grote Roost.

by Jos Sterk
by Jos Sterk
This article was originally published on @joss